Zolang je nog maar weet
waar het noorden is,
de weg omhoog.

Vluchtend beland je
in het verhaal van een ander,
weven zich draden over elkaar,
vormend een grillig patroon.

Zoekend een nieuw bestaan
uit onverwerkt verleden
in het heden van
wie wegtrok met de noorderzon,

ontladen door een hert,
ontvouwend je a-vier
ontwapent zich
de hartstocht in de ander.

Voor wie je
zonder schild kunt zijn
opent zich perspectief.
 

Geïnspireerd door het boek van Nelleke Noordervliet.


Uit de bundel "Strijklicht van violen", poëzie bij kunst en literatuur (2013)