Een koor van muggen
laat zich horen,
juist als je onder
’t dekbed ligt.
Je denkt nog
ach, het laat geen sporen
maar toch doe je
geen oog meer dicht.
Zodra het licht
is aangedaan
lijkt het koor
verdwenen
maar jij bent
overstag gegaan
de halve nacht
nog in de benen.
 
Pas aan het einde
van de nieuwe dag
als je weer bij
je positieven bent
ontdek je met een
grinnikende lach:
En toch was ik een
enthousiaste dirigent.


Uit de bundel "De voordracht" (2013)