Op de terugweg
stapt hij af,
zet zijn fiets
op de stander,
loopt door de velden
met hoge passen,
ontloopt
tussen prikkeldraad
de krassen,
springt lenig over
modderplassen,
bukt zich
en plukt
kamille, sigaren,
korenbloemen, aren,
goudsbloem en grassen.

Op het stuur
prijkt uitbundig
een koninklijk
boeket,
opvallend
hoe nú
op hem wordt gelet

een man
die zijn vrouw
gaat verrassen.

Uit de bundel “Geloofsvreugde” (2013)