De grijze dame
die hij bezocht
was in haar eenzaamheid
verleerd
om een gesprek te voeren.
Omdat zij zwijgen bleef
wist hij ten diepste
niet meer wat hij
aan moest roeren.

Ten einde raad
zong hij voor haar
een tikkeltje verlegen
de oude psalm:
“Waar liefde woont
gebiedt de Heer
Zijn zegen….”
Ontroerd zag hij
haar lippen meebewegen.

Zijn stem brak daar
waar zij begon te spreken.

Uit: "Geloofsvreugde" (2013)