Er is een man
die naar de dood toeleeft.
Hoe lang hij nog
te leven heeft
is onbekend.
Hij lijdt,
beweegt zich voort
door medicijnen
maar leeft toe naar
beloften uit Gods Woord.
Zo nu en dan
bezoekt hij graven
van goede vrienden
en vraagt zich daarbij af
of ze al zingen
in het Grote Koor.

Er was een Man
die naar de dood
toeleefde.
Hij heeft het lijden
van de mensen
niet gewild,
ontfermt zich
over hen die
diep gelovig
door Hem
over het lijden
worden heen getild.


Uit de bundel “Geloofsvreugde” (2013)